Spiegelspel

Ga voor je kind staan en vertel het dat het de spiegel is. Elke beweging die jij maakt, doet je kind na.

Begin met langzame, eenvoudige bewegingen, zoals het spreiden van de armen. Ga geleidelijk over op complexere bewegingen met allerlei lichaamsdelen. Daarna draai je de rollen om.

Dansende dieren

Zet een leuk muziekje op en je kind gaat erop dansen. Dan vraag je hoe het zou zijn als katten, varkens, giraffen, olifanten, … zouden dansen. Je doet niets voor. Laat de verbeelding maar de vrije loop – wie weet komen er nog dierengeluiden bij.

Windmolentje

Kleine kinderen maak je blij met een windmolentje.

Knip hiervoor uit stevig papier een vierkant van 15 op 15 cm. Je kind versiert het met waskrijt of stiften. Geef de diagonalen aan op het vierkant en knip die in tot op 1,5 cm van het midden.

Vouw de punten naar binnen en prik het windmolentje met een dunne spijker in een stokje. Om het molentje beter te laten draaien, steek je tussen het papier en het stokje een kraal.

Ballonnetje trek

Zorg voor evenveel ballonnen als er kinderen zijn. Bind aan alle ballonnen een dunne, stevige draad van 2 tot 4 meter. Maak aan het uiteinde van deze draad een stokje vast.

Leg de ballonnen op één lijn en zet ook de kinderen op één lijn, op 2 tot 4 meter afstand van de ballonnen.

Geef elk kind een stokje en na het startsein moeten ze om het eerst de draad aan het stokje winden. Wie kan als eerste de ballon helemaal naar zich toe trekken?