In de kring bekeken we allerlei spulletjes uit de badkamer: zeep, een washandje, een spiegel, een tandenborstel, enz… . We probeerden alles te benoemen en vertelden waarvoor het dient.
We leerden deze week ook een versje over de kamers van het huis. Via een prent konden we de tekst goed opzeggen.

In ieder huis zijn kamertjes,
kom kijk maar even rond.
De zolder die zit bovenaan,
de kelder in de grond.
De keuken en de woonkamer,
de slaapkamer met bed.
Alleen het kleinste kamertje
is af en toe bezet.